Koken

Als ik ergens een hekel aan heb, dan is het wel aan koken. Eigenlijk is het geen eens een hekel. Ik kán het gewoon niet! En daar zit ‘m nou ook net de kneep: dat gelooft gewoon niemand. Familie, vrienden, collega’s, en waarschijnlijk ook wel de lezers van dit stukje; allemaal denken ze dat mijn zogenaamde onvermogen een behoorlijke maaltijd op tafel te zetten, een uitvlucht is. Om toch maar vooral onder de morele verplichting uit te komen, ook eens een acceptabel maal voor een mannetje of wat te produceren. Vergeet het maar, ik begin er echt niet aan! Ook om mijn medemens te beschermen.

Een set mooie, roodgekleurde tournedos-biefstukken op mijn aanrecht doen mij watertanden. Want ik weet hóe lekker die runderjongens kunnen zijn, in theorie dan. En daar gaat het dus fout. ‘Nou, een biefstuk kun je echt niets verkeerd aan doen, hoor!’, verzekert de rest van de wereld me. Vergeet het maar! Laat het aan mij over, en er zijn dagen dat ik een malse biefstuk zo stug maak dat alleen de schoenmaker er nog iets mee kan beginnen.

Heb ik dan iets tegen eten? Allerminst! Ik laat me met graagte uitnodigen om bij de ander thuis aan te schuiven. En geniet met volle teugen. Ik kan letterlijk jaloers worden op de kok of kokkin, die vol plezier en zelfvertrouwen de ingrediënten bewerkt en de kruiden verstrooit. Graag stap ik voor de maaltijd de keuken in om eens lekker uitgebreid de situatie in de wereld door te spreken met de kok van dienst. Zelf zou ik gek worden van zo’n kletspraatje op dat moment, maar ik merk daarvan niets bij die ander. Het koken lijkt bijzaak, het gesprek is er niet minder prettig door. Terwijl ik zelf al bloednerveus word als ik meer dan twee gaspitten moet ontsteken. Het zou niet voor het eerst zijn, dat de één of andere bezorgdienst moet voorkomen dat mijn gasten met een knorrende maag vertrekken.

Op de momenten dat ‘anderen’ verwachtingsvol naar mij kijken als de volgende eetafspraak gepland moet worden, rest mij maar één ding. Ik beloof voor de volgende gelegenheid een ‘goed en niet-zomaar-een-restaurant’ uit te zoeken! Dus dat betekent een paar uurtjes op internet rondkijken, beoordelingssites als iens.nl raadplegen en een reservering maken. De ultieme opoffering die deze sociale handicap vraagt, is het betalen van een gepeperde rekening! Wie mooi is, moet pijn lijden. En wie niet koken kan, moet teveel geld uitgeven.

Dit stukje is geschreven voor mijn cursus Columns Schrijven

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *